Met de vaststelling van de inmiddels bekroonde Omgevingsvisie 2040 zette de gemeente Harderwijk in december 2024 een belangrijke stap in de invoering van de Omgevingswet. Maar volgens Henk, Céline en Hugo van het projectteam begon het echte werk daarna pas. Hoe zorg je ervoor dat een visie doorwerkt in de dagelijkse praktijk? En hoe neem je collega's mee in een nieuwe manier van werken?

Tijdens de Dag van de Ruimtelijke Ordening deelde het projectteam van de gemeente Harderwijk die ervaringen in de workshop: ‘Van winnend praktijkvoorbeeld naar toekomstvisie: ontdek de kracht van digitalisering van de Omgevingswet’. Daar liet de gemeente zien hoe de Omgevingsvisie inmiddels de basis vormt voor omgevingsprogramma's, hoe geo-informatie helpt om beleid concreet te maken en waarom de grootste uitdaging uiteindelijk niet technisch, maar organisatorisch is.

Van visie naar uitvoering

De ADS-Trofee die Harderwijk in 2025 ontving, leverde niet alleen landelijke belangstelling op. De erkenning gaf het projectteam ook intern het vertrouwen om verder te bouwen. "De trofee hielp om de directie en het college mee te nemen in onze aanpak", vertelt ruimtelijk strateeg Henk Maas. "Daardoor konden we de volgende stap zetten."

Die volgende stap ligt bij de omgevingsprogramma's. Waar de Omgevingsvisie richting geeft aan de ontwikkeling van de gemeente, beschrijven de programma's hoe die ambities worden uitgevoerd. Volgens Maas is dat precies het vraagstuk waar veel gemeenten nu voor staan. "Veel gemeenten hebben inmiddels een Omgevingsvisie. Maar hoe je die vertaalt naar programma's, daar is iedereen nog naar op zoek."

Tijdens de workshop liet Harderwijk zien hoe die doorontwikkeling er in de praktijk uitziet. De gemeente demonstreerde hoe programma's binnen het Omgevingsloket worden opgebouwd en hoe geo-informatie daarbij direct wordt gekoppeld aan beleidsinformatie.

Laat het zien op de kaart

Een belangrijk uitgangspunt in Harderwijk is dat beleid niet alleen uit tekst bestaat. Al tijdens het opstellen van een omgevingsprogramma wordt nagedacht over de ruimtelijke vertaling. Senior planoloog Céline Kram vertelt: "We stellen bij ieder programma de vraag: kun je dit ook op een kaart laten zien? Daardoor ga je veel scherper nadenken over wat je eigenlijk wilt laten zien."

Volgens Céline helpt een kaart om beleid concreter te maken. Niet alleen voor inwoners en initiatiefnemers, maar ook voor collega's binnen de organisatie. Een kaart maakt zichtbaar waar ontwikkelingen elkaar raken en helpt om verschillende beleidsvelden met elkaar te verbinden.

Dat bleek ook in de praktijk. In de Omgevingsvisie werd een bedrijventerrein ruimer begrensd dan de bestaande bedrijfslocaties. Een naastgelegen agrarisch perceel werd daarbij aangewezen als mogelijke uitbreidingslocatie. Niet veel later meldde zich een initiatiefnemer met een plan voor precies dat perceel. "Blijkbaar had iemand de kaart goed bekeken en daar een kans gezien", vertelt Henk. "Dat is precies wat je met de Omgevingswet wilt bereiken."

Beleid en geo-informatie versterken elkaar

Die manier van werken vraagt om een andere samenwerking tussen beleidsadviseurs, planologen en geo-specialisten. Niet eerst beleid maken en daarna een kaart tekenen, maar vanaf het begin samen optrekken. "Je moet begrijpen wat je met een kaart wilt laten zien", zegt ook Hugo Raat, medewerker programma’s Omgevingswet en Digitaal Stelsel Omgevingswet (DSO). "Pas daarna kun je bepalen hoe je die informatie het beste zichtbaar maakt."

Ook voor Hugo was dat een leerproces. "Ik wist in het begin niet precies hoe ik het moest doen. Door het gewoon te proberen en samen met collega's op te trekken, groeit die kennis steeds verder." Volgens het team werkt die samenwerking twee kanten op. Beleidskeuzes leiden tot nieuwe kaarten, maar kaarten zorgen ook voor nieuwe inzichten en helpen om beleid verder aan te scherpen.

Hugo legt de gemaakte keuzes daarom zorgvuldig vast. Welke brongegevens zijn gebruikt? Waarom is een grens op die plek getrokken? "Als je over een paar jaar terugkijkt, wil je nog weten waarom je iets op die manier hebt ingetekend."

De grootste verandering zit in de organisatie

Hoewel tijdens de workshop veel aandacht uitging naar digitalisering en het DSO, benadrukt het projectteam dat de techniek niet de grootste uitdaging vormt. "De techniek is voor ons eigenlijk een gegeven", zegt Céline. "De grootste uitdaging zijn de mensen die ermee moeten werken."

Daarom investeert Harderwijk veel in begeleiding. Er is een leidraad opgesteld voor het maken van omgevingsprogramma's, collega's kunnen terecht tijdens interne vragenuurtjes en regelmatig worden werksessies georganiseerd. "Maar met alleen een leidraad ben je er niet", stelt Céline. "Mensen blijven vragen houden. Daarom blijven we programma's samen bespreken en collega's begeleiden."

Volgens Henk draait het uiteindelijk om een andere manier van denken. En die omslag kost tijd. "We proberen collega's te laten stoppen met denken in boekjes en te gaan denken vanuit de kaart." Céline vult aan: "Het is eigenlijk een cultuurverandering. Dat bereik je niet met één bijeenkomst of één handleiding." Henk vervolgt: "Bij ieder succesje zijn we blij. Zo'n verandering voer je niet in één keer door."

Vier lessen uit de Harderwijkse praktijk

De ervaringen van Harderwijk laten zien dat de volgende stap in de Omgevingswet niet begint met nieuwe techniek, maar met een organisatie die samen leert. Op basis van de praktijk deelt het projectteam vier lessen.

1. Zie de Omgevingsvisie als vertrekpunt

De visie is geen eindproduct, maar het startpunt voor omgevingsprogramma's, het Omgevingsplan en de uitvoering.

2. Gebruik kaarten vanaf het begin

Een kaart maakt beleid concreter en helpt om eerder het gesprek aan te gaan over keuzes en samenhang.

3. Investeer in mensen

Nieuwe instrumenten vragen om een nieuwe manier van werken. Dat kost tijd, begeleiding en herhaling.

4. Bouw kennis op in de eigen organisatie

Door als gemeente zelf keuzes te maken en ervaringen op te bouwen, blijft kennis behouden en ontstaat eigenaarschap.

Samen verder bouwen

De Omgevingsvisie van de gemeente Harderwijk laat zien dat de invoering van de Omgevingswet niet ophoudt na de vaststelling van een visie. De echte meerwaarde ontstaat wanneer visie, programma's, geo-informatie en uitvoering met elkaar worden verbonden. "Een Omgevingsvisie maken is één ding", besluit Henk, "maar zorgen dat die onderdeel wordt van het dagelijks handelen: dát is de echte opgave."