‘Alles hangt met alles samen hier’. Tijdens recente werkbezoeken van de minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening aan Metropoolregio Amsterdam (MRA) werd het opnieuw zichtbaar: de stapeling van woningbouw, infrastructuur, energie en natuur laat zich niet meer vangen in losse plannen. Omdat deze opgaven sterk met elkaar samenhangen, heeft het Rijk de MRA aangewezen als NOVEX-gebied. Hier werken Rijk, provincies en gemeenten samen om ruimtelijke keuzes te verbinden en de uitvoering te versnellen. Maar hoe verloopt de samenwerking als de druk zo hoog is? Adrian Los (Directeur Ruimtelijke Ontwikkeling bij het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties) en Matthew Eelman (Programmamanager NOVEX MRA) reflecteren op de integrale aanpak voor dit verstedelijkingsgebied die geen luxe meer is, maar noodzaak.
Volgens Adrian is MRA van alle zestien NOVEX-gebieden één van de gebieden die in meerdere opzichten de bovengrens aantikt. “De MRA is geografisch gezien groot en overlapt met vier andere NOVEX-gebieden: Schiphol, Noordzeekanaalgebied, Groene Hart en Lelylijn. Dat vereist extra aandacht voor alle raakvlakken. Ons hoofddoel is verstedelijking, maar de MRA is juist als NOVEX-gebied aangewezen vanwege de grote stapeling van opgaven. Enerzijds spelen hier economische belangen, denk aan de invloed van Tata Steel en Schiphol. Anderzijds is er de druk op de kwaliteit van de leefomgeving. De waterberging staat hier onder druk en ook rondom klimaatadaptatie ligt hier een groot vraagstuk. De MRA wil in het ontwikkelperspectief op al deze aspecten een antwoord geven.”
Verschillende belangen samenbrengen
Matthew: “De MRA is een grote economische motor van Nederland. Een groot deel van het nationaal product wordt hier verdiend. En ook een aanzienlijk deel van de Nederlandse bevolking woont in deze regio. De groei van de MRA biedt veel kansen voor wonen, economie en voorzieningen, maar laat tegelijkertijd zien waar bestaande systemen onder druk komen te staan. Woningbouw, bereikbaarheid, energie, water en leefkwaliteit komen steeds vaker op dezelfde locaties samen, waardoor belangen en opgaven elkaar raken. Er zijn volop kansen voor verdere economische ontwikkeling, maar tegelijkertijd is het belangrijk dat mensen dicht bij hun werk kunnen wonen. Deze belangen kunnen met elkaar schuren: welke opgave krijgt prioriteit? De echte uitdaging is daarom niet alleen om te groeien. Maar om dat te doen op een manier die zowel ruimtelijk als bestuurlijk houdbaar is. De NOVEX-aanpak brengt deze verschillende belangen bij elkaar door economische ontwikkeling, woningbouw, bereikbaarheid en leefbaarheid in samenhang te benaderen. Zoals ik vaak zeg: "Wij bouwen geen woningen, maar samenlevingen."
Bredere context
Matthew noemt als voorbeeld de mobiliteit rondom Schiphol. “Schiphol ontwikkelt zich verder als economisch hart. Om die groei en verandering te ondersteunen, moeten ook de mobiliteitssystemen meebewegen. We zijn daar veel woningen aan het toevoegen, omdat we wonen en werken in dat gebied graag dichtbij elkaar willen brengen. Maar door de veranderende economie trekt het gebied steeds meer mensen aan, wat de druk verhoogt. Zo ontstaan er weer botsende belangen tussen de economische ontwikkeling en de woningbouwopgave. Er is daar een ander systeem nodig om die groei op een goede manier te kunnen accommoderen. ”
Gecoördineerde inzet
Adrian: “NOVEX biedt inzichten in al die uiteenlopende belangen in dat complexe geheel. Wat MRA immers bijzonder maakt is dat het twee vervoersregio’s omvat. En dat dit gebied de strategieën van die vervoersregio’s meeneemt in het ontwikkelperspectief. En daarmee ook in de eigen strategie ten uitvoer brengt. Dat vereist afstemming, zorgvuldige afweging en ook het sluiten van compromissen." Matthew: “Als je de uitdagingen in dit drukbevolkte gebied het hoofd wilt bieden, dan hebben we meer nodig dan alleen het Huis van Thorbecke.”
Adrian is het op dat punt volledig met Matthew eens: “En dat maakt de NOVEX-samenwerking in zekere zin uniek. Natuurlijk behoudt het Rijk en ook de Provincie zijn bevoegdheden om bijvoorbeeld een aanwijzing te geven. Maar het allerbelangrijkste aan die NOVEX-samenwerking is allereerst een gezamenlijk beeld te formuleren en vervolgens schouder aan schouder af te stemmen wie welke acties onderneemt. En strategisch programmeren om de altijd te beperkte middelen zo goed mogelijk in te zetten. Dat is cruciaal voor succes.”
Schaarse middelen
Matthew: “We leven in een tijd van schaarste. Dat zit in middelen en in dit gebied ook zeer zeker in grond. We hebben ontzettend veel ambities, maar we moeten keuzes maken over prioriteiten. We weten waar we de komende vijfentwintig jaar naartoe willen en kennen de uitdagingen, want we hebben een uitvoeringsagenda geschreven. Maar hoe we het pad precies willen bewandelen, dat weten we nog niet helemaal. Daar is geld voor nodig en dat vraagt iets van de gebieden zelf. We hebben de MRA verdeeld in zeven deelregio’s. Nu onderzoeken we hoe we de juiste weg gaan bewandelen.”
Kansen en uitdagingen
Matthew: “De groei van de MRA biedt veel kansen voor wonen, economie en voorzieningen, maar laat ook zien waar systemen onder druk komen te staan. Woningbouw, bereikbaarheid, energie, water en leefkwaliteit komen steeds vaker op dezelfde plekken samen. De uitdaging is om zo te groeien dat het ruimtelijk én bestuurlijk houdbaar blijft. Neem bijvoorbeeld de Houtrakpolder; een prachtig voorbeeld uit het NOVEX-Noordzeekanaalgebied. Daar komen verschillende opgaven samen, zoals de energieopgave, waterberging, uitbreiding van het groenblauwe netwerk en de economische belangen van de haven. In mijn ogen is dit een schoolvoorbeeld van hoe je ruimtelijke botsingen eerst scherp in beeld brengt en daarna bestuurlijk verder brengt. Dat is precies ook de werkwijze die we breder, in de MRA, vaker willen toepassen. Wat die NOVEX-aanpak zo waardevol maakt is dat je op het juiste moment bij elkaar aan tafel komt om het over al die thema’s en belangen te hebben. En daarin de juiste keuzes met elkaar te maken.”
Belangen identificeren
Matthew: “In de Waag speelt dit ook, met drinkwater in de Gooi en Vechtstreek. Dat staat onder druk. Ze zijn op zoek naar nieuwe gebieden om drinkwater te winnen voor woningbouwlocaties. Maar de betrokken partijen komen er onderling niet uit. Dan is het fijn dat je een samenwerking tussen Rijk en regio hebt, die alle belangen kan identificeren. Wat speelt hier in dit gebied? En hoe maken we de juiste afwegingen om dat drinkwater op de lange termijn te kunnen garanderen én verder te kunnen met onze verstedelijking? Als je gebiedsgericht en heel feitelijk kunt beschrijven wat je ziet en waar een beslissing voor nodig is wordt het ook voor bestuurders behapbaar wat de meerwaarde is van de NOVEX-aanpak.” Adrian: “De kracht van NOVEX zit in het bewaken van integraliteit en het oppakken van concrete taken. Het geeft de kracht die nodig is voor de verdeling van werk en inzet.”
Prioriteren en uitvoering versnellen
Adrian: “De regionale investeringagenda’s (RIA’s) geven ons geen extra geld. Het zijn geen bestellijstjes van de regio aan het Rijk. Ze helpen om urgente vraagstukken voorop te zetten, te prioriteren en om goede afwegingen te maken. We geven elkaar inzichten in de knelpunten en waar het nut van de inzet van middelen het grootst is.”
Matthew deelt die mening: “Vanuit de regio bezien helpt het ons ook. We hoeven niet meer langs allerlei ministeries om te ‘shoppen’ voor onze gebiedsgerichte opgave. We hebben één punt waarop we die investeringen op een goede manier op tafel leggen. Het Rijk, de provincies, de gemeenten, de waterschappen leggen allemaal hun eigen deel in, zodat we de zaken die prioriteit hebben, ook op een goede manier kunnen bekostigen. Maar wat constant boven die NOVEX-gebieden hangt: we kunnen het niet alleen. We hebben elkaar nodig, ook met geld om te zorgen dat we verder komen met elkaar.”
Adrian: “Het samenbrengen van die inzichten is echt cruciaal. Deze investeringsagenda’s vormen de plek waar je je middelen gecoördineerd in probeert te zetten. Het eerste doel van het NOVEX-programma is per slot van rekening het versnellen van de uitvoering. Dat begint door de juiste partijen aan tafel te zetten. Niet alleen de kaderstellende partijen, maar alle partijen die daadwerkelijk de beslissingen kunnen nemen om tot investeringen en actie over te gaan. Dat zijn vaak de gemeentes, maar ook de waterschappen en de vervoersregio’s. Dat versnellen van die uitvoering is cruciaal, zodat je tijdig knelpunten zaken zoals waterberging signaleert. En daar tijdig actie op onderneemt, zodat de uitvoering door kan. Dat is al begonnen. Maar je moet door en dat versneld.”
De RIA als matchingsinstrument
Adrian: ”De fase waarin we nu zitten met de NOVEX-aanpak voor gebieden is het meest uitdagend. We hebben geformuleerd waar we naar toe willen in het Ontwikkelperspectief en wat we daarvoor moeten doen in de Uitvoeringsagenda. Daar komen aanzienlijke kosten bij kijken. Wat is er nodig om de juiste inzet te kunnen plegen om die doelen dichterbij te brengen?”
Matthew: Wij gebruiken de RIA als financiële onderlegger van de uitvoeringsagenda. We hebben met elkaar gedefinieerd wat we willen doen. Dat staat in de uitvoeringsagenda. Maar hoe bekostigen we dat? Door de RIA zoveel mogelijk te integreren met onze uitvoeringsagenda breng je inhoud, prioritering en bekostiging in één beeld.” Adrian: “De RIA kan fungeren als inzicht en afweegkader om te programmeren. Er is altijd meer te doen dan waar we middelen voor hebben. In de RIA zie je welke kosten nodig zijn. En kun je ook in de tijd zetten wat urgent is wat je waar kan maken met de middelen die beschikbaar zijn.”
Stip op de horizon
Met een doorkijk naar de toekomst zegt Matthew: “Als regio denken we al na over de MRA richting 2100. Wat voor metropool willen we zijn? En waar willen we naartoe groeien? Ik hoop dat we als Rijk en regio over vijfentwintig jaar samen flink wat stappen hebben gezet in het uitvoeren van al die verschillende maatregelen en programma’s die we met elkaar bedacht hebben. Dat we kunnen doorgroeien naar die meerkernige metropool waar het fijn toeven is en waar tegelijkertijd ook een goede boterham wordt verdiend.”
Adrian: “Ik vind het mooi dat de MRA heel expliciet die eerlijke verdeling en toegankelijkheid voor iedereen benoemt. En ik hoop oprecht dat je in de toekomst leefomgevingen hebt, die zoals op veel plekken nu ook al, een geweldige uitstraling, aantrekkelijkheid en gezondheid hebben. Dat mensen met een kleine en een grote portemonnee gebruik kunnen maken van de faciliteiten in deze regio.
Matthew voegt hieraan toe: “Brede welvaart is het centrale begrip vanuit het ontwikkelperspectief. Daar zetten wij als Rijk en regio voor de MRA vol op in.”