Het belang van ruimtelijke ordening en goede stedenbouw is zelden zo urgent geweest. Nederland staat voor een ongekende opgave om 1,65 miljoen woningen te realiseren voor 20 miljoen inwoners in 2050. We vroegen Eric van der Kooij, voorzitter van de Beroepsvereniging van Nederlandse Stedenbouwkundigen & Planologen (BNSP), om zijn visie te geven op de ambitie van de Ontwerp-Nota Ruimte: ‘elke regio telt in een mooi Nederland dat werkt’, in relatie tot Stand van de Stedenbouw, het onlangs verschenen BNSP-jubileumboek dat 250 stedenbouwkundige plannen bundelt en analyseert.
Beeld: Rogier Bos
Little C in Rotterdam: verdichten in optima forma.
Publicatiedatum: 26 februari 2026. Tekst door Eric van der Kooij:
Wie de Ontwerp-Nota Ruimte goed leest, weet: het wordt de komende decennia niet saai in het ruimtelijk domein. Deze visie op de wederombouw zal overal in het land en op verschillende schaalniveaus impact hebben. De groei van de bevolking betekent een toevoeging van twintig procent boven op de acht miljoen woningen die ons land nu telt.
Daarbovenop komt de vraag naar ruimte voor werken, voorzieningen, sport en groene, toegankelijke plekken voor recreatie en natuurbeleving. Daarnaast zal ook de infrastructuur voor mobiliteit, energie en schoon drinkwater mee moeten groeien. En dat alles in grofweg dertig jaar tijd. Het is zonder twijfel de grootste ontwikkelopgave in de Nederlandse geschiedenis. Nog nooit was de ruimtelijke puzzel zo complex en de urgentie om tot keuzes te komen zo hoog. De vraag is niet slechts wat en waar we bouwen, maar hoe toekomstbestendige leefomgevingen er uit gaan zien.
Goede stedenbouw vormt de basis
Het BNSP-jubileumboek ‘Stand van de Stedenbouw’ brengt bijna 250 stedenbouwkundige plannen samen waar nu al aan wordt gewerkt. Hierin is de woningbouwopgave leidend. Ze vormen een afspiegeling van de 1,4 miljoen woningen die nu al in planvorming zijn. Deze plannen zijn de komende decennia richtinggevend voor de inrichting van Nederland. Ze variëren van transformatie van werkgebieden en binnenstedelijke verdichting tot herstructurering van naoorlogse gebieden, intensivering van stationsomgevingen en nieuwe stadsuitleg. Daarmee sluiten ze naadloos aan op het Nota Ruimte-thema wonen, werken en bereikbaarheid.
"Een volk dat leeft bouwt aan zijn toekomst." – Cornelis Lely, voormalig (water-)ingenieur en minister
Beeld: Rogier Bos
Aan het IJmeer ontwikkelt de gemeente Almere de wijk Duin.
Hoe die wederombouw in concrete projecten vorm krijgt, wordt zichtbaar gemaakt in dit boek. En daardoor worden weer de specifieke kenmerken en contouren van de opgave in uitvoering een stuk duidelijker. Deze grootschalige verbouwing betreft voor het grootste deel transformatie en herontwikkeling van het bestaande uit functie geraakte gebieden, maar ook nieuw te ontwikkelen gebieden. De tendens is daarbij niet alleen compacter, maar ook groener, en meer gemengd. Daarnaast spelen er ook nog andere ruimtelijke transities, zoals de gevolgen van klimaatverandering, biodiversiteit en de energietransitie. En daar komt recent bij de nieuwe taakstelling van defensie en al haar ruimteclaims. Een geruststelling is ook dat water en bodem sturend in vrijwel alle plannen niet meer ter discussie staat.
Doorzettingsmacht en verbeeldingskracht als aanjagers
Een eerste, belangrijk stap in de majeure opgave is om de meer dan 1,4 miljoen woningen aan harde en zachte plannen tot uitvoering te brengen. Gemaakte of aangekondigde plannen die vooralsnog grotendeels bestaan op papier. Door het concreet maken, dus bouwen van dit bestaande planreservoir wordt een aanzienlijk deel van de vraagstukken opgelost waar Nederland op dit moment voor staat.
Beeld: Locatus
Weergave van de plannen in Nederland voor zo'n 1,4 miljoen woningen.
Daarin staat voorop dat we altijd het bestaande beter benutten voordat we aan nieuwe opgaven gaan werken. Ook dan vragen deze opgaven, gecombineerd met de omvang ervan, om doorzettingsmacht en verbeeldingskracht. Doorzettingsmacht, omdat niet alles meer naast elkaar kan. Er zijn keuzes nodig waar en onder welke condities er gebouwd mag worden. Verbeeldingskracht, om te komen tot integrale innovatieve oplossingen. Hiervoor is kennis van en inzicht nodig in wat er gebeurt. We zijn immers bezig met het ontwerpen en maken van onze leefomgevingen van de toekomst.
Een sturende overheid is randvoorwaardelijk
Maar daarvoor is wel wat meer nodig dan enkel doorzettingsmacht. Allereerst moeten we de stikstofcrises, schoonwaterproblematiek en het inkorten van bezwarenprocedures zien op te lossen. Vervolgens dient de regie op de ruimtelijke ordering op alle schaalniveaus geborgd te worden met de middelen die daartoe noodzakelijk zijn.
Op Rijksniveau draagt de definitieve Nota Ruimte straks bij aan de koers van de verstedelijking in heel Nederland – immers: elke regio telt. Daarbij horen de randvoorwaardelijke investeringen in bovenplanse infrastructuur. Grootschalige ontwikkelingen omvatten vaak meerdere decennia en vergen een lange adem. Het gaat om het vastleggen van langjarige afspraken die bestand moeten zijn tegen te grillige koerswijzigingen door de politiek of markt. Deze plannen moeten jaren meegaan en de onderliggende ambities en uitgangspunten moeten telkens hernieuwd worden bevestigd, aangescherpt en heroverwogen.
Beeld: Rogier Bos
Zuidlaren, Drenthe.
Goede ruimtelijke ordening is niet vrijblijvend
Goede ruimtelijke ordening borgt deze processen en het daadwerkelijk bereiken van ruimtelijke kwaliteit. Goede ruimtelijke ordening draagt daarmee fundamenteel bij aan een meer duurzame en inclusieve leefomgeving. Stedenbouw moet de lange lijnen en samenhang borgen. En tegelijkertijd én robuust én adaptief én flexibel zijn.
‘Stand van de Stedenbouw’ geeft overzicht en biedt inzicht en inspiratie en duidt de urgentie om door de schaalniveaus en interdisciplinair te werken. Het is geen momentopname, we zullen immers nog jarenlang om aan deze plannen te sleutelen en te bouwen. Een stand die niet statisch, maar die dynamisch is en ertoe doet! Onze woorden, acties en verbeeldingen doen ertoe en altijd in samenhang tot elkaar. We kunnen niet zonder het beeld dat vertelt, abstraheert, conceptualiseert of expliciet maakt wat we proberen te maken. Daarmee verschaft het het vakgebied een unieke positie in de uitdaging: het beter, slimmer én mooier maken van de nieuwe leefomgevingen van Nederland.
